Kamerbrief: Minister de Jonge garandeert dat de verzamelde telecomdata niet wordt ingezet om burgers te volgen

20-05-2020

Minister De Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wil de Telecommunicatiewet wijzigen. Dit schrijft hij in een brief op 20 mei aan de Tweede Kamer over de stand van zaken omtrent Covid-19 in ons land. "Het kabinet is met het RIVM van mening dat geaggregeerde data afkomstig uit de mobiele telecomnetwerken daarvoor waardevol kunnen zijn", schrijft de minister in zijn brief.

Minister De Jonge benadrukt dat het niet gaat om het volgen van personen, maar om het verkrijgen van een geaggregeerd beeld van verplaatsingen op bevolkingsniveau om het signaleren van een eventuele tweede uitbraak van het coronavirus mogelijk te maken.

Lees een deel van de Kamerbrief hieronder:

Telecom als onderdeel van surveillance

"Tijdens het plenaire debat van 7 mei jl. heb ik uw Kamer toegezegd u nader te informeren over het doel van aanvullende gegevensverzameling ten behoeve van onderzoek naar de verspreiding van het coronavirus. Zoals ook beschreven in paragraaf 3, beschrijven deze gegevens op zichzelf niet de epidemie, maar kunnen hieruit wel veel sneller waarschuwingssignalen opgepikt worden vergeleken met epidemiologische indicatoren. Het doel is dus sec het versterken van het vroegtijdig signaleren van nieuwe oplevingen van het virus.

Het kabinet is met het RIVM van mening dat geaggregeerde data afkomstig uit de mobiele telecomnetwerken daarvoor waardevol kunnen zijn. Parallel aan het uitwerken van het verzoek van het RIVM is een conceptvoorstel voor een tijdelijke wijziging van de Telecommunicatiewet voorbereid. Dit wetsvoorstel beoogt de noodzakelijke wettelijke grondslag te scheppen voor het verwerken van locatie- en verkeersgegevens ten behoeve van het verstrekken van de gewenste statistische informatie aan het RIVM. Het gaat het RIVM daarbij nadrukkelijk niet om het volgen van personen, maar om het verkrijgen van een geaggregeerd beeld van verplaatsingen op bevolkingsniveau. Het wetsvoorstel zal zich dan ook uitsluitend richten op het verstrekken van tellingen van het aantal personen - afgeleid uit de aantallen in de gemeente aanwezige mobiele telefoons- dat per uur in een gemeente aanwezig is. Op basis van deze gegevens kan het RIVM dagelijks statistisch in beeld brengen hoe de mobiliteit zich de voorgaande dag heeft ontwikkeld. Zo kan het RIVM sneller inspelen op actuele ontwikkelingen dan nu het geval is.

In het wetsvoorstel worden waarborgen voor de bescherming van de privacy bij dit proces vastgelegd. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft hierover advies uitgebracht. Naar verwachting zal het ontwerpwetsvoorstel, waarin het advies van de AP is verwerkt, deze week voor een spoedadvies worden aangeboden aan de Raad van State, waarna het aan uw Kamer ter behandeling zal worden gezonden. Het wetsvoorstel zal nadrukkelijk geen basis bieden voor het verwerken van informatie ten behoeve van andere doeleinden dan de wettelijke taak van het RIVM. Daarmee is uitgesloten dat informatie wordt ingezet voor doeleinden zoals opsporing, vervolging of het tegengaan van samenscholingen."

Bijlage

Bekijk de hele kamerbrief: COVID-19 Update stand van zaken


Dit beleidsstuk is ook te vinden in het dossier Coronavirus

bron: Rijksoverheid

Van onze partners

Coronapagina

→ Lees meer

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws over privacy, cybersecurity en data. Abonneer op onze gratis nieuwsbrief.

Abonneer